Wikia


Jon III
Het Spel der Tronen hoofdstuk
HetSpelderTronen
POVJon Sneeuw
pagina169 (Andere versies)
Hoodstuk chronologie(All)
Jon II
Catelyn IV ← Jon III → Eddard IV

Jon IV

Jon III is het negentiende hoofdstuk van het boek Het Spel der Tronen. Het hoofdstuk wordt verteld vanuit het oogpunt van Jon Sneeuw.

SamenvattingEdit

Jon Sneeuw is verwikkeld is een zwaardgevecht met Grenn, een van zijn mede-rekruten, onderleiding van ser Alliser Doren. Het gevecht werd door Doren beëindigd. De ervaren wachtruiter verklaart tegenover Jon dat hij zwak is. In de kou van Slot Zwart herinnert Jon zich de warmte van de zalen van Winterfel. Het leek er ook op dat zijn oom Benjen hem verlaten had. Zeker toen bekend werd dat Benjen een groep wachtruiters zou aanvoeren naar het Spookwoud. Na zijn vertrek voelde Jon zich veel meer eenzamer.

Hij werd uit zijn overpeinzingen gehaald door Grenn. Jon werd door Grenn en twee verkrachters bedreigd, maar Jon laat zien dat hij niet bang voor hen is. Uiteindelijk is Jon toch op hen gaan slaan. Het gevecht wordt beëindigd door Donal Nooy. De andere werden weggestuurd en Jon bleef als enige over. Door deze wordt Jon op zijn plaats gewezen. Bij hem beklaagd Jon zich ook over de kou. Nooy wijst Jon erop dat zijn mede-rekruten hem haten, omdat hij beter dan hen is. Na een lang gesprek verliet Jon de wapenkamer.

Buiten verwonderde Jon zich over de macht van de Muur. Opeens klonk ernaast hem een bekende stem. Die van Tyrion Lannister. Gezamenlijk ging het tweetal naar de eetzaal. Met hem bespreekt Jon het feit dat Benjen lang wegblijft. Als Jon in de eetzaal arriveert met Alliser Doren hem dat de bevelhebber hem wilt spreken. Toen Jon bij de bevelhebber arriveerde overhandigde deze de brief. De brief vermeldde dat Bran Stark wakker was geworden. In de euforie van het nieuws biedt Jon zijn excuses aan Grenn aan en gaat Jon een weddenschap aan met Alliser Doren.

PersonagesEdit

PlaatsenEdit

Overige termenEdit

Community content is available under CC-BY-SA unless otherwise noted.