De Ganzenveer en Bierkroes, beter bekend als de Veer en Kroes, is een herberg in Oudstee dat gelegen is op een eiland in de Honingwijn. Naar verluid is de herberg al zeshonderd jaar en is het nooit gesloten geweest.[1] De herberg wordt vaak bezocht door novicen en acolieten van de Citadel, waaronder Alleras, Mollander, Koppie, Roene en Armin. Het is een bekende ontmoetingsplek voor studenten en reizigers.[2]
Beschrijving[]
De Veer en Kroes is een hoog, houten gebouw dat al zeshonderd jaar op zijn eiland staat en nooit zijn deuren voor gasten heeft gesloten. Ondanks dat het gedeeltelijk scheefgezakt is richting het zuiden, blijft het een populaire plek voor het drinken van wijn, bier en sterke cider. De herberg beschikt over een terras, kamers, een gelagkamer en uitzicht op de Hoogtoren van Oudstee.[3]
Functie en rol[]
De herberg dient als ontmoetingsplaats voor jonge studenten van de Citadel. Bekende bezoekers:
- Alleras – ook wel “de Sfinx” genoemd
- Mollander – drinkebroer en zoon van een ridder
- Koppie – novice die in contact komt met de alchemist
- Roene – jonge student, vaak onder de indruk
- Armin – serieuze acoliet
- Leo Tyrel – spottende edelman met scherpe tong[4]
- Samwel Tarling – arriveert later in het boek en hoort hier voor het eerst over de glazen kaars[5]